Deze website maakt gebruik van cookies

Deze website gebruikt cookies en verzamelt daarmee informatie over het gebruik van de website om deze te analyseren. Door hiernaast op akkoord te klikken, geef je aan akkoord te zijn met het gebruik van cookies en het verzamelen van informatie aan de hand daarvan door ons en door derden. Lees hier meer.

Akkoord
Niet akkoord

Voorzitter Thérèse Beurskens over jongeren, werkdruk en de verantwoordelijkheid van het fonds

28 januari 2026

Recente cijfers over werkstress onder jongeren zijn zorgelijk. Meer dan de helft van de jonge werkenden ervaart veel tot zeer veel werkstress.

In mijn vorige column eindigde ik met drie randvoorwaarden voor een gezonde toekomst van onze sector:

  1. helderheid over de koers
  2. rust om keuzes uit te voeren
  3. de bereidheid om te blijven investeren in toekomstbestendigheid.

Die woorden raken rechtstreeks aan de opdracht van het Sociaal Fonds Meubelindustrie.

De actualiteit dwingt ons om die opdracht scherp te stellen.

Steeds meer werkstress onder jongeren
Recente cijfers over werkstress onder jongeren zijn zorgelijk. Meer dan de helft van de jonge werkenden ervaart veel tot zeer veel werkstress. In ruim 80% van de gevallen is die stress direct terug te voeren op hoe werk is georganiseerd. Dit beeld wordt bevestigd door meerdere onafhankelijke onderzoeken (RIVM / Eurofound / TNO / FNV Young & United)  en komt bovengemiddeld vaak voor bij jongeren met een mbo-achtergrond.

Hoe zit het in onze branche?
Ik ben namens ons fonds bezorgd over onze eigen vakmensen met ook vaak die mbo-achtergrond. Hoe is dit bij ons? Het fonds heeft een duidelijke taak: bijdragen aan een sterke, duurzame en toekomstbestendige arbeidsmarkt in de Interieurbouw en Meubelindustrie. Werkstress onder jongeren is inmiddels een structureel signaal dat er iets schuurt in de manier waarop instroom, begeleiding en werkdruk zijn ingericht. En dát is precies het terrein waar ook een sectoraal fonds niet weg kan kijken.

Vandaag bouwen aan een sterke branche van morgen
Voor mij is dit geen morele discussie, maar een strategische. Wie vandaag namelijk onvoldoende investeert in duurzame inzetbaarheid van jongeren, ondergraaft morgen de continuïteit van de sector. Dan verdwijnt kennis, stokt de instroom en nemen de kosten voor verzuim en vervanging alleen maar toe. Arbeidsmarktstrategie, vakmanschapsontwikkeling en verzuimpreventie vragen om samenhangend beleid en gerichte investeringen. Niet alleen in opleidingen, maar ook in goede begeleiding, realistische werkdruk en veilige leeromgevingen op de werkvloer.

De problematiek is oplosbaar, maar alleen als we haar serieus nemen en we als sector gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen.

Thérèse Beurskens – Van Oijen

Voorzitter Sociaal Fonds Meubelindustrie

Therese nieuwsbrief jan